dinsdag 21 februari 2012

Educatieve toepassingen van web 2.0 like or unlike deel 2

Bijna 800 Duitse studenten hebben meegedaan met drie onderzoeken naar het gebruik van een social network site (SNS) en leren. Het doel van de onderzoeken is meer zicht te krijgen op het gebruik van een SNS opdat het ontwerpen van digitaal onderwijs zoals een virtuele leeromgeving beter kan plaatsvinden.
Er is specifiek gekozen voor een SNS die naast Facebook de bekendste SNS is in Duitsland. Het is StudiVZ en heeft 6 miljoen geregistreerde studenten!

Hieronder de 3 onderzoeken:

1. Communiceren studenten in StudiVZ over sociale zaken als ook over studie gerelateerde zaken?
2. Gebruiken studenten groepen om kennis uit te wisselen?
3. Welke groepen zijn te onderscheiden in StudiVZ en hoe verschillend zijn ze in deelname?

1. 63 % van de respondenten was niet geïnteresseerd in het uitwisselen van studie-gerelateerde kennis, zij maakten gebruik van StudiVZ om in contact met anderen te blijven. 18.9 van de respondenten zijn wel geïnteresseerd in het uitwisselen van studie-gerelateerde kennis.
Het maakt niet uit hoeveel vrienden je hebt om kennis uit te wisselen op een SNS, maar het maakt wel uit hoe vaak je online bent. Hoe vaker online hoe vaker kennis uitgewisseld wordt.
Bovendien de studenten die via StudiVZ opzoek gaan naar nieuwe contacten hebben ook een interesse in het uitwisselen van studie gerelateerde kennis. Zij gebruiken StudiVZ om nieuwe contacten op te doen en omdat zij nog niet veel vrienden/studenten face to face kennen vindt kennisoverdracht via de SNS plaats.
2. Waarom worden er groepen op een SNS samengesteld? 60% van de respondenten verklaarden dat ze opzoek zijn naar like-minded people, uitwisselen speelt een minder belangrijke rol (35%). Hier wordt verder niet aangegeven wat voor uitwisseling?!
En 1/3 van de respondenten waren geïnteresseerd in het discussiëren over algemene studie onderwerpen in een groep en 1/5 in het uitwisselen van cursus materiaal (ja een groep kan dus worden gebruikt om kennis uit te wisselen).
De groepen zijn ontstaan vanuit een gezamenlijke interesse of vanuit een real-life groep.
Deze gezamenlijke interesse kan de studiekeuze zijn en in deze groepen zijn het voornamelijk de jongere jaars die kennis uitwisselen. Er zijn nog geen andere kanalen aangeboord om contacten op te doen en dus wordt StudiVZ daarvoor gebruikt.
Er zijn twee groepsvormen, 1; sociale groepen ontstaan uit een gezamenlijk belang of ontstaan uit een real-life groep of 2; statement groepen bijvoorbeeld: Actually I wanted to learn. Deze laatste zijn voornamelijk favoriet maar de andere zijn actiever.
3. Dezelfde resultaten als bij het 2e onderzoek: de helft van de groepen zijn ontstaan vanuit een sociale connectie zoals een gemeenschappelijke interesse of real-life groep, en hier de helft weer van zijn studie-gerelateerd. En ook weer de jongere jaars zijn het meeste actief op het gebied van kennis uitwisselen.


Conclusie
StudiVZ wordt voornamelijk gebruikt voor sociale communicatie. Voor 1/5 van de respondenten speelt het uitwisselen van kennis gerelateerd aan de studie een belangrijke rol en zo ook bij 1/5 van de StudiVZ groepen. Het zijn voornamelijk jongerejaars die StudiVZ gebruiken om kennis uit te wisselen met als extra doel zich te oriënteren in de nieuwe omgeving van de universiteit, het gezamenlijk ervaringen uitwisselen en elkaar leren kennen.

Een belangrijke vraag popt op: Is een SNS geschikt als digitale toepassing om onderwijs processen te ondersteunen? Bij een SNS gaat het op de eerste plaats om interpersoonlijke verbanden tussen gebruikers te promoten en niet om gezamenlijk te werken aan en te discussiëren over academische inhoud.
Aan de andere kant het gebruik van social media is dat wat de studenten goed kunnen en daarom is het belangrijk goed na te denken over het gebruik van deze dagelijkse toepassingen opdat studenten informeel leren. Geen ander sociale media dan een social network site wordt zo actief gebruikt door jongeren. Bovendien een SNS staat het toepassen van Wikis of Blog’s toe zodat gezamenlijkheid en uitwisselen van kennis plaats kan vinden.
Alhoewel jongeren niet geneigd zijn om een SNS te gebruiken voor formeel leren, suggereert dit onderzoek wel dat informele kennis uitwisseling wel welkom kan zijn.

Wat ik belangrijk vindt aan dit onderzoek is dat een kleine groep studenten kennis kan ontwikkelen via social media. Echter de grootste groep vindt interactie het belangrijkste doel in het gebruik van social media, niet het uitwisselen van kennis. Die kleine groep studenten zijn vrijwel allemaal jongerejaars, zij zijn opzoek naar nieuwe contacten in een onbekende omgeving, zij hebben nog geen real-life groep. En dat wat bindt (een zelfde studie) maakt dat kennis wordt uitgewisseld. 
Wat niet duidelijk wordt in het onderzoek is wat de auteurs nu bedoelen met informeel en formeel leren, ik kan dat uit de tekst niet opmaken.

Interessant in het artikel (en daar gaat het verder in het onderzoek helemaal niet over) is de relatie die gelegd wordt tussen self-directed learning* en het gebruik van social media.
De auteurs geven aan dat social media de mogelijkheid biedt dat lerende hun eigen leeromgeving kunnen manipuleren en actief kunnen participeren in een leerproces. Het promoten van self-directed learning is de grootste uitdaging van het onderwijs van vandaag, want het aan kunnen passen aan snelle veranderende omgevingen wordt steeds belangrijker. Het is een challenge om self-directed learning in social media toe te passen in een formele onderwijsomgeving. 

Deze vorm van leren in relatie tot het gebruik van social media is een nieuw topic voor mij en ik denk een nieuw bewijs van een educatieve toepassing van web 2.0!! Of te wel het toepassen van social media zoals Facebook of Twitter kan studenten tot self-directed  learning stimuleren. Goh, wat zal Jelle Jolles hiervan vinden?

*Zelfgereguleerd leren, Valcke 2010
  Zelfsturend leren, Verloop 2009

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen